GOUDA

Peuters en kleuters

Een veelvoorkomende hulpvraag bij peuters is dat er opvallendheden gezien worden in het looppatroon. Voorbeelden hiervan zijn : veelvuldig struikelen en/of vallen of de voetplaatsing. Ook kan het zijn dat er sprake is van bewegingsangst. Voorbeelden hiervan zijn : het niet durven klimmen/klauteren of houterig bewegen.

Een veelvoorkomende hulpvraag bij kleuters ligt op het gebied van het evenwicht en de grove motoriek. Voorbeelden hiervan zijn : niet goed kunnen stil zitten / van hun stoeltje vallen,
onstuimig bewegen. Ook kan er sprake zijn van problemen op het gebied van de voorbereidende schrijfmotoriek. Voorbeelden hiervan zijn : het niet kiezen van een voorkeurshand of niet tot tekenen komen. Daarnaast kan het zo zijn dat de zwemdocent bijzonderheden ziet tijdens de zwemles. Voorbeelden hiervan zijn : het aanleren van de zwembeweging of onvoldoende gelijktijdig kunnen bewegen van armen en benen bij de schoolslag.

Het motorisch onderzoek wordt gedaan met leeftijdsgebonden testmateriaal. Daarnaast wordt er een motorische observatie gedaan om te kijken hoe het kind in een vrije situatie beweegt. Indien nodig wordt er aanvullend onderzoek gedaan (er wordt bijvoorbeeld gekeken naar de beweeglijkheid van de gewrichten of de spierkracht).
Bij kinderen op deze leeftijd wordt er veel geoefend door middel van vrij spel. De concentratie kan vaak nog niet zolang volgehouden worden. Daarnaast is het
opdrachtgericht werken nog niet altijd mogelijk. Door het op de goede manier aanbieden van spelmateriaal kan een kind dan toch uitgedaagd worden motorisch vaardigheden te oefenen die het in het dagelijks leven niet zo snel zal uitvoeren.